Je t’aime moi non plus, de film is andere koek dan het nummer

Op Netflix ‘ontdekte’ ik Je t’aime moi non plus, de debuutfilm van Serge Gainsbourg uit 1976. De film draagt de titel van zijn gelijknamige hijgerige wereldhit en gaat ook voornamelijk over seks maar dan toch op een andere manier dan verwacht. Wekt de hit nog de indruk van stomende passie, in deze film is het allemaal gebanaliseerd. Als een slaapliedje in death metal uitvoering. Zo is er een vrijscène in de laadbak van een vuilniswagen. Lekker smerig, zeg maar. Genoeg symboliek voor een avondje discussie. En dat is dan nog maar een enkele scène.

De film is in Frankrijk opgenomen maar wil de indruk van een eigentijdse western wekken die zich afspeelt rond een motel in de Amerikaanse woestijn. De spaghetti-western, zoals Europese westerns genoemd werden, was indertijd een populair genre. Er zit op een gegeven moment ook echt iemand spaghetti te eten, of liever gezegd te vreten. Dat soort zelfspot kenmerkt de film die – om het zacht uit te drukken – verder nogal lastig te definiëren is.

Er zijn een Amerikaanse en een Britse hoofdrolspeler, vuilnisman Joel Dallesandro en barvrouw Jane Birkin, destijds getrouwd met Gainsbourg. De man is homo, de vrouw is erg jongensachtig. Het verhaal draait er om of zij een relatie met elkaar kunnen hebben. Het zou ook kunnen gaan over de strijd tussen liefde en seks, al komt er amper liefde in voor en is de seks over het algemeen gruwelijk. De enige keer dat Birkin genot lijkt te hebben, is als ze masturbeert. Verder is het voor de rest ook geen prettige of vrolijke of sensuele boel. Ik weet niet hoeveel tieners in die jaren op het titelnummer hun eerste zoen hebben beleefd maar als ik de zoenscène uit de film indertijd had gezien, sluit ik niet uit dat ik er nooit van m’n leven aan begonnen zou zijn. Een stekker en stopcontact hebben een opwindender verhouding. De film schijnt deels een comedy te zijn maar dan wel van de cynische, duistere soort.

Je t’aime moi non plus werd destijds lovend besproken in kranten als NRC en het communistisch dagblad De Waarheid – wat tot reacties over gender leidde die 50 jaar later nog steeds weerklinken – maar belandde ook in seksbioscopen, dat waren schimmige zalen waar onvoorstelbaar krakkemikkige soft porno comedy’s werden vertoond aan een publiek dat voornamelijk bestond uit mannen in regenjassen.

Nu zou de film, die in 2019 werd gerestaureerd, wellicht het label queer krijgen. Of niet, want er zit ook racisme en homofobie in, en ik twijfel of het hedendaagse publiek dat nog verdraagt. Er is inmiddels wel meer problematisch aan de bijna een halve eeuw oude film. Gerard Depardieu bijvoorbeeld speelt een bijrol, toen een jonge god maar een week geleden aangehouden op verdenking van systematisch seksueel geweld. Voeg daarbij dat de in 1991 overleden Gainsbourg zelf nogal omstreden is, vanwege bijvoorbeeld de verheerlijking van incest. En tegelijkertijd is hij nog steeds populair. Ik liep een paar maanden terug toevallig langs zijn graf op de begraafplaats van Montparnasse en dat bleek een waar bedevaartsoord. Hetzelfde geldt voor zijn huis in Parijs dat een soort tempel is.

Gainsbourg wordt door zijn fans geëerd als een vrije geest. Ik zie hem vooral als zo’n type waar mannen met stoppelbaarden, die roken, te veel drinken en eeuwig werken aan hun debuutroman, mee weglopen maar ik weet heel weinig van Gainsbourg, moet ik bekennen. Ik ken van zijn werk alleen dat ene nummer. Dat is in de film wel te horen maar dan alleen in instrumentale versie. Je mag de betekenis daarvan zelf invullen.

De film maakt wel duidelijk waarom Jane Birkin een Franse superster is geworden. Ze is een betoverende verschijning en dat alleen al was reden de film af te kijken. Vorig jaar zou ik naar haar laatste concert in Parijs gaan maar voor het zo ver was, overleed ze.

Ik vond het ondanks alles een fascinerende film, die beter is dan ik verwachtte. Ik vermoed dat Gainsbourg vooral een rebelse film heeft willen maken. Dat geeft de film ondanks zijn gedateerdheid nog steeds een zeker vuur. Ik snapte die cultstatus van Gainsbourg daarom ineens beter. Ongeacht alles wat je er verder bij kunt denken en vinden. Je t’aime moi non plus doet zo zijn dubbelzinnige titel eer aan.

De film is te zien op Netflix.

PS: Iedere zondagavond verstuur ik In de Week, een zeer persoonlijke nieuwsbrief over wat ik de voorbije week zag, las, meemaakte en dacht. Abonneer je hier gratis.

One Comment

  • Uit de biografie leerde ik een klootzak met talent(en) kennen en klootzakken werden 40-50 jaar geleden meer gepruimd dan nu. Een vaak vervelend stuk vreten dat van provoceren een 2e natuur had gemaakt. Of, had gemaakt? Je moet er ook aanleg voor hebben. Flink ontremmend alcohol-gebruik hielp daarbij.
    Birkin werd eigenlijk van ex- de enige die nog een beetje naar het verpieterd, incontinente enfant terrible omkeek.
    Verder onbekend met z’n werk? Hij schreef Poupée de cire voor France Call en ander werk dat ze, toen ze eenmaal begreep wat ze aan het zingen was, niet meer op het podium bracht: Les Sucettes – https://www.youtube.com/watch?v=-6VLhNF6zRE#ddg-play
    Zijn eerste gouden plaat, de reggae-versie van de Marseillaise: https://www.youtube.com/watch?v=cPJWZILeLzU
    Bleef niet zonder controverse: https://www.youtube.com/watch?v=wILLGfIaJvk
    Je zal de tijd niet hebben voor het hele filmpje maar de oudere Gainsbourg zie en hoor je in al z’n vergane glorie rond 20′ van https://www.youtube.com/watch?v=g-Qw4zHC3Yk
    – een montage rond Gainsourg/Dutronc
    Haha, inspirerend toch weer die post van je, dank je wel!
    Hugo

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.