Geweld in de jaren tachtig

rel.jpgVanavond ging de actualiteitenrubriek Nova over radicalisme in de jaren tachtig. Wat daarbij opviel was dat er door de redactie van alles door elkaar werd gehaald en iedereen op een hoop gegooid.
Begin jaren tachtig was er sprake van een enorme polarisatie en escalatie. Er werd door de overheid onder leiding van VVD-minister Wiegel ongekend hard opgetreden tegen politieke protesten. Activisten (veelal krakers) maakten ook gebruik van geweld. Grootschalige rellen van een omvang die we nu alleen maar kennen van voetbalwedstrijden kwamen met grote regelmaat voor.
Er is nu veel commotie over activistengeweld maar dat geweld kwam van twee kanten. De Franse geheime dienst blies bijvoorbeeld een actieschip van Greenpeace op waarbij een Nederlandse fotograaf om het leven kwam. De daders werden gepakt en veroordeeld maar hebben hun straf niet uitgezeten.
De Amerikaanse dienst CIA bracht met mijnen een Nederlandse baggerschip in de Nicaraguaanse havenstad Corinto tot zinken omdat ze de linkse regering daar wilden destabiliseren. De actie werd veroordeeld door het Internationaal Gerechtshof maar de Verenigde Staten legden dat vonnis naast zich neer.
Al het geweld leidde er in Nederland toe dat steeds minder mensen bereid waren te demonstreren (de demonstratie was het actiemiddel van de jaren tachtig, er werd letterlijk iedere dag wel ergens gedemonstreerd). Waarom zou je je keer op keer in elkaar laten slaan? Een deel van de activisten waaronder Duyvendak besloot daarop over te gaan tot een andere manier van actievoeren. Geen massademonstraties meer maar gerichte, meestal in het geheim voorbereide directe acties.
Dat waren beslist niet louter gewelddadige acties. Integendeel. Er waren bezettingen, vastketenacties, militaire totaalweigeraars die steevast een lange gevangenisstraf ondergingen. Er werd kortom van alles uitgehaald om de aandacht te vestigen op misstanden. En die misstanden waren er volop. Dat bedrijven nu ‘maatschappelijk verantwoord’ opereren is te danken aan een bewustzijn dat toen opkwam. Bedrijven wilden indertijd op geen enkele manier het debat aangaan over wat ze uitspookten. Shell zou nu niet in Birma blijven maar toen was het steunen van dictators voor bedrijven de gewoonste zaak van de wereld.
In 1981 nog maakte de vader van prinses Maxima deel uit van een Argentijnse dictatuur die duizenden linkse activisten vermoordde, bijvoorbeeld door ze boven zee uit vliegtuigen te gooien. Hij is er nooit voor gestraft.
De gerichte acties tegen die misstanden waren weliswaar soms succesvol maar de geheimzinnigheid bracht ook bijverschijnselen als complete paranoia met zich mee. De sfeer werd grimmiger. Na een paar jaar, in de tweede helft van de jaren tachtig, ontstond er een schisma onder politiek activisten. Niet alleen in Nederland maar ook in Duitsland waar de Groenen opkwamen en de radicale parlementaire politiek introduceerden.
Die tweedeling leidde ook in de Nederlandse activistenscene tot twee stromingen: de fundi’s (afgeleid van fundamentalisten) en de realo’s, oftewel de realisten.
De Nederlandse fundi’s waren zo gek als een deur. een laatste stuiptrekking van dogmatici. Zo maakten ze in Amsterdam een brochure waarop ze op de omslag een mede-kraker executeerden omdat die idealen ‘verraden’ had. Een in scene gezette ‘grap’ natuurlijk die vandaag de dag op populaire websites niet zou misstaan maar indertijd iedereen schokte. Het luidde het einde in van de kraakbeweging als een maatschappelijk geaccepteerd verschijnsel.
Was Duvyendak zo’n fundi? Uit wat ik er tot nu toe over gelezen heb maak ik dat niet op. Hij behoorde tot de andere stroming, die van de realo’s.
Voor die keuze wordt hij nu alsnog gestraft.
CC foto: antitezo