DO 19 okt 10.00 u.

do19.jpgIk ruim m’n bureau op en daar tussen de uitgedroogde viltstiften, de visitekaartjes van vergeten gezichten, de opengescheurde enveloppen en de uitgestrooide bonnetjes ligt ineens een verfomfaaid Post-It briefje. Do 19 okt staat er op. Ik heb het zo te zien haastig geschreven.
Donderdag 19 oktober 10.00 u.
Ik heb geen flauw idee.
Het moet iets officieels zijn want ik maak zelf nooit afspraken zo vroeg op de dag.
In mijn agenda is de dag nog helemaal leeg.
Ik probeer te deduceren en inspecteer het briefje als een detective.
Eens kijken, ik heb dergelijke Post-It briefjes niet zelf. Dus moet ik het bijvoorbeeld bij de Tros op de redactie geschreven hebben. Ben ik daar gebeld?
Ik geef de zoekopdracht 19 oktober aan m’n mailprogramma en vink de optie ‘doorzoek alle postbussen’ aan.
2865 hits.
Ik kijk naar de data van ontvangst en verzenden maar vind niets.
Een ongemakkelijk gevoel bekruipt me.
Wat ga ik op 19 oktober om 10.00 uur doen?
Met een kop koffie naast de telefoon zitten en wachten tot er iemand belt: “Waar blijf je?”
Maar wat als er niemand belt?
En net als ik dit wil plaatsen, heeft de Google in m’n hoofd een hit.
Ik zie de omgeving weer gedeeltelijk voor me, als een soort preview. Een balie, het lege Post-It briefje dat me door een paar besmeurde vingers wordt aangereikt. Het zonlicht dat door de grote ramen naar binnen valt. Het geklengel van gereedschap. Ik ruik zelfs de geur van smeerolie.
Klik.
De fiets naar de fietsenmaker brengen!