“Totale vertraging 6 minuten,” stond er op het schermpje van de TomTom. Dat lijkt geen slecht nieuws maar het stond er al meer dan een uur. En niets is erger dan een intelligent apparaat dat tegen beter weten in stug verkeerde informatie blijft geven.
Een digitale thermometer die 37,5 C aangeeft terwijl je op je gloeiendhete voorhoofd een eitje kunt bakken, een telefoon die toont dat de batterij tot de nok vol is maar bij iedere gesprekspoging meteen dood valt wegens energiegebrek, een dolgedraaide elektronische agenda die tegen beter weten in alle afspraken van het komende half jaar op een en dezelfde dag weergeeft, harddiskrecorders die steevast TV5 inplaats van Ned 3 opnemen.
Ik geloof dat ik er nooit aan zal wennen.
Het zijn de enige momenten dat ik me prijsbewust toon.
“Weet je wel hoeveel ik voor dat ding betaald heb?” zeg ik dan tegen degene die het dichtst in de buurt is. Het is meer een poging een ontladende ruzie uit te lokken dan een serieuze vraag.
“Nooit meer in de file met TomTom, dankzij de snelste en betrouwbaarste verkeersupdates via lokale bronnen. Zo kunt u besluiten een andere route te plannen en de file te omzeilen. Dit alles nog voordat de andere weggebruikers de verkeersinformatie op de radio horen,” stond er verleidelijk op de website. Veertig euro kostte dat. Omdat ik me al jaren erger aan de volstrekte onbruikbaarheid van verkeersinformatie op radio en internet, klikte ik op ja. Dit systeem dat werkte via mn gsm zou soelaas moeten bieden. Dan maar wat extra betalen.
“Slimme push-technologie brengt de hoeveelheid gegevens terug die nodig is om de verkeersinformatie op uw apparaat te vernieuwen,” luidde een andere belofte.
Drie weken later was ik met mijn mobiele abonnement al 45 euro aan extra dataverkeerkosten kwijt.
Lekker slim.
Zes minuten vertraging.
De informatie was net zo absurd als de maximumsnelheidsaanduiding van 70 km boven de weg waar ik al een half uur stilstaand op uitkeek.
Ik keek op mn horloge. Over drie kwartier vertrok de gereserveerde autotrein in de Kanaaltunnel.
Die ging ik niet meer halen.
Ik dacht aan wat er die ochtend gebeurd was. De TomTom had ik aangesloten op mijn computer. Er waren updates. Ik zag lijsten met de lokaties van flitspalen in België en Frankrijk.
Updates installeren?
OK!
Niet genoeg ruimte voor de updates, antwoordde de TomTom.
Het was mij een raadsel hoe dat kon. En waarom vroeg het ding eerst of de updates geïnstalleerd moesten worden en zei het daarna pas dat er geen ruimte is? Is dat intelligent? Of gewoon sadistisch?
TomTom? DomDom zal je bedoelen, mompelde ik. Het hielp niet. Ik trommelde nog eens een paar riedels op het stuur.
Eindelijk kwam er beweging. We gingen rijden.
Zou ik het nog kunnen halen? De Eurotunnel staat een uur speling in aankomsttijden toe herinnerde ik me.
Ik gaf gas.
Net over de Franse grens zag ik een flitslokatie. Niet op de TomTom maar in de achteruitkijkspiegel. De ongeïnstalleerrde updates!
Een collega heeft een foto op het prikbord hangen van de twee TomTom-oprichters.
Die ga ik er eens met grof geweld af trekken, nam ik me voor terwijl ik de Eurotunnel in reed.