Toen in januari bekend werd gemaakt dat de musical Soldaat van Oranje na 15 jaar eindelijk ging stoppen – en nu écht – kocht ik toch maar snel kaartjes. Net op tijd want even later bleek de musical tot aan de laatste voorstelling in juli compleet uitverkocht. Tegen de tijd dat het feest voorbij is, hebben zo’n vier miljoen mensen de voorstelling gezien.
In de tussentijd verscheen het boek De Soldaat van Oranje ontmaskerd, het onthutsende relaas van een uitgebreid onderzoek door oud-rechercheur Petra Alkema. Ik realiseerde me dat ik niet zoveel wist over Erik Hazelhoff Roelfzema (1917-2007), alias de Soldaat van Oranje . Ik had de film van Paul Verhoeven heel lang geleden gezien, het verhaal zelf was helemaal weggezakt. Ik herinnerde me dat de oorlogsheld een keer te gast was in een talkshow en zijn verhaal grote indruk op me had gemaakt.
Ik begon met enige scepsis te lezen.,Helden van hun voetstuk trekken is een sport die me niet per se erg aanspreekt – nobody’s perfect – en ik liep nu ook nog eens de kans dat het avondje entertainment waar ik naar uitkeek in de kiem gesmoord zou worden. Een beetje alsof je vooraf aan een bezoek aan de snackbar een rondleiding krijgt door de fabriek waar de snacks gemaakt worden, zeg ik als iemand die daar gewerkt heeft.
Alkema begint bescheiden met het ontmaskeren van een sleutelscéne uit het verhaal van Hazelhoff, destijds student in Leiden. Hij vertelde dat hij op 26 november 1940 in zijn kamerjas op het balkon van zijn studentenhuis luisterde naar het Wilhelmus dat losbarstte in het tegenoverliggende gebouw nadat professor Cleveringa zijn beroemde rede had gehouden tegen het antisemitische beleid van de Duitse bezetter. De oud-rechercheur zocht de gegevens van het KNMI op en ontdekte dat het die dag stervenskoud was en er een matige wind stond. Geen omstandigheden waaronder je rustig op het balkon gaat staan, in een kamerjas, concludeert ze.
Ik haalde mijn schouders op. Dit was wel erg wat in detective series ‘circumstantial evidence’ genoemd wordt: het een wordt afgeleid uit het ander. Zou kunnen. Zou ook niet kunnen.
Een groot deel van het boek berust op die werkwijze. Ze acht gebeurtenissen onwaarschijnlijk, zoekt naar alternatieve verklaringen, denkt dat het anders moet zijn gegaan dan beweerd, waardoor ik als lezer nog lang op het voordeel van de twijfel bleef knabbelen.
Maar uiteindelijk overtuigde ze me wel, dankzij een gestage feitenstroom, het resultaat van diep graafwerk in archieven, maar ik vermoed dat de uiteindelijke doorslag een beschrijving van het talkshowoptreden gaf waar lang geleden met zoveel bewondering naar keek. Presentator Willem Duys toont een beroemd fragment uit de film waarin Rutger Hauer, die de Soldaat van Oranje speelt, na een spectaculaire geheime landing op het strand van Scheveningen in het Kurhaus danst met zijn studiegenoot (Derek de Lint) die bij de SS is gegaan. Na de vertoning geeft aan Duys als enig commentaar ‘Mag ik wel even zeggen dat ik gewoonlijk met meisjes dans?’.
In werkelijkheid was het een andere verzetsstrijder, Peter Tazelaar, die zo in Scheveningen was geland. Hij is uit de geschiedenis weggeschreven en zijn heldendaden zijn door Hazelhoff naar zich toegetrokken. De dansscène heeft overigens in werkelijkheid nooit plaatsgevonden.
Het meest schokkende uit het boek betrof echter iets heel anders. Alkema beschrijft hoe koningin Wilhelmina een afkeer had van de parlementaire democratie en die na de oorlog wilde afschaffen zodat zij zelf weer de macht in handen zou krijgen. Haar getrouwen, waaronder Hazelhoff, smeedden daartoe plannen. Ze werden vooral gedreven door een afkeer van socialisten. Hazelhoff trad na de Tweede Wereldoorlog in dienst van de CIA en was betrokken bij het opzetten van een tv-zender die vanaf zee Nederland moest gaan bestoken met propaganda. Commerciële tv-zenders waren toen nog verboden. De soldaat van Oranje heeft kortom nogal wat red flags.
Die afkeer van democratie is ter rechterzijde diep geworteld. Het is een sentiment dat terug te voeren is op de Franse revolutie en herkenbaar in de ultrarechtse bewegingen die de wereld nu in hun greep houden. Dat Trump wil regeren als een koning en zijn aanhangers dat prachtig vinden, is er ook een teken van.
Het ‘reduceren’ van dergelijke bewegingen tot fascisme verdoezelt die motivatie en het bijbehorende sentiment. Hazelhoff laat zien dat je vanuit die overtuiging immers zelfs het fascisme kunt bestrijden. Het fascisme komt tegelijkertijd natuurlijk wel voort uit hetzelfde sentiment. Om het maar eens ingewikkeld te maken.
Met een beetje verscheurd gemoed trok ik naar de musical. Ook al omdat ik geen uitgesproken musicalliefhebber ben. Dat bleek volkomen onterecht. Ik weet niet of de makers van de musical het aangevoeld hebben maar het is helemaal geen verheerlijking van Hazelhoff. De ronduit spectaculaire voorstelling toont vooral een groep studenten die na de inval van de nazi’s lastige keuzes moeten maken: je diploma halen of in verzet gaan? Om nog maar een van de makkelijkste dilemma’s te noemen.
De enscenering is adembenemend, de inbedding met historische beelden indrukwekkend en het geheel wordt verzorgd door een geoliede organisatie. Ik wist niet dat er zoiets moois bestond.
Blij dat ik de musical nog heb kunnen zien.
NB: De voorstellingen zijn allemaal uitverkocht maar zo meldt de site: Last-minute kunnen er nog enkele plaatsen vrijkomen. Er is geen wachtlijst.
Iedere zondagavond mijn nieuwsbrief ontvangen met tips, ervaringen en ideeën? Abonneer je nu gratis.