Voor het goede doel

Vandaag naar de kijkdag bij Sotheby’s geweest voor de Amnesty International-veiling. Eerder schreef ik dat ik m’n oog had laten vallen op een foto en dat ik ga proberen die te pakken te krijgen. Of het gaat lukken is ernstig de vraag want het was op de kijkdag verontrustend druk. Dat is natuurlijk goed nieuws voor Amnesty maar minder prettig voor mij en mijn beperkte budget. In gedachten stel ik me al voor hoe iemand naast me mijn foto voor mijn neus wegkaapt. Zou ik dat kunnen verdragen?
“Je gaat ze haten, allemaal…” vertrouwde een ervaren vriend me vandaag toe toen ik hem om raad vroeg. “In het eerste kwartier begin je nerveus te worden en hoe dichter de veiling in de buurt komt van de foto die je wilt hebben, hoe erger het wordt. Dan merk je ineens dat je niet zomaar tussen andere aardige, onbekende mensen zit maar tussen roofdieren die het op jouw buit gemunt hebben. Het maakt al het slechte in je los. Alsof er een boterham wordt geworpen in een hok met hongerige zwijnen.”
Maar een ergere shock was dat ik de foto die ik via internet had uitgekozen bij de aanblik plots niet meer mooi genoeg vond. Pal ernaast hing een veel mooiere. Die wilde ik! En die daar! En die! Ik voelde me als een kind in een snoepwinkel. BIj de tweede ronde begon ik de nummers te noteren. Toen merkte ik ook dat je nooit met vrienden naar een veilingkijkdag moet gaan.
“Schrijf jij dat nummer op?”
“Ja”
“Waarom?”
“Om morgen te gaan bieden.”
“Maar die wil ik! Ik zag hem eerder.”
“Ik had hem al bij de eerste ronde gezien.”
“Ja, maar bij mij staat hij bovenaan. Kijk dan. Hier.”
“Het is een veiling…”
“Dus jij gaat straks tegen mij opbieden? Nee, DAT is handig!”
Zouden ze uitsmijters hebben bij Sotheby’s?