
Terwijl ik een broodje at op een bankje op het perron van station Hilversum Mediapark, in de zon, zag ik aan mijn voeten een mier slepen met een andere mier die duidelijk was overleden. Zoals altijd bij mieren werd het karwei verricht met een ontzagwekkend doorzettingsvermogen. ‘Kan niet’ is een opvatting die niet lijkt voor te komen in het mierenbrein.
Natuurlijk heb ik mieren wel eens vaker met dode dieren en soortgenoten zien slepen maar voor het eerst kwam de vraag op waarom doen ze dat eigenlijk? Ik ging ervan uit dat het stoffelijk overschot naar het nest wordt vervoerd om daar te worden geconsumeerd. Heel ecologisch. Cradle-to-cradle zeg maar. Waarom doen wij dat eigenlijk niet? Ik ben zelf vegetariër maar ik hoor vaak mensen zeggen dat ze niet zonder vlees kunnen – “al eet ik het heel weinig”, voegen ze er dan meestal aan toe – dus dat zou een oplossing kunnen zijn. Wel vlees maar niet meer van dieren.
Er is steeds minder ruimte voor begraafplaatsen, crematoria stoten ongetwijfeld co2 uit en je vermindert zo de veestapel. Dus het zou allemaal win-win zijn. Ik stelde me een affiche van de Partij voor de Dieren voor. Leef bewust, eet elkaar. Of van de SP: Eat the rich. De VVD zou kunnen kiezen voor: Leef van de anderen.
De mier zette zijn werk rustig voort terwijl ik bedachtzaam op mijn broodje kauwde. Hij trok het lichaam met onvoorstelbare kracht over een voeg tussen de tegels, dat in mierenperspectief toch minstens een loopgraaf is. Zonder te rusten en met soms zelfs een omweg ging hij verder. Alsof het dagelijkse routine was.
Zou mensenvlees gezond zijn of juist niet, vroeg ik me af terwijl ik nog een hap nam. En zou het lukken mensen zover te krijgen? Ik bedoel, het kost al moeite om ze over te laten stappen op een lekkernij als sprinkhanen. Ik dacht aan de films die ik er wel eens over gezien heb, waarin mensen elkaar opeten. Delicatessen, een geweldige komedie over de oorlog tussen vegetariërs en vleeseters. Of Themroc, over Parijzenaars die de consumptiemaatschappij verlaten en terugkeren naar de prehistorie. Het waren niet echt promotiefilms voor bewust vleeseten te noemen. Dat zou je wel anders moeten aanpakken. Een broodje McDeath misschien. Ik dacht nog wat na over andere praktische zaken. Voorzichtig want ik zat immers te eten.
De zon scheen fel, maar dat leek de mier niet te deren. Wat ging hij of zij eigenlijk doen met dat dode lichaam? Zelf opeten? Voeren aan de kleintjes? Een feestmaal voor de koningin?
Ik besloot het aan dr Google te vragen. Al snel werd duidelijk dat mijn veronderstelling helemaal niet klopt. Mieren slepen niet met hun doden om ze op te eten maar om ze te begraven. Het is een verschijnsel dat in het Engels necrophoresis wordt genoemd, het Nederlandse woord kon ik zo gauw niet vinden. Het gedrag komt voor onder sociale insecten zoals mieren, bijen en termieten. Zij zijn, naast mensen, voor zover bekend de enige wezens op de planeet die hun doden begraven.
Ze doen het uit hygiënische overwegingen. Als je met veel exemplaren van dezelfde soort, die genetisch vrijwel identiek zijn, op een klein oppervlak woont ben je heel kwetsbaar voor besmettelijke ziektes. Daarom worden de lijken opgeruimd. Om te voorkomen dat ziektes zich verspreiden en de kolonie wordt uitgeroeid. Herkenbaar he? Bij sommige soorten worden ze gedumpt op speciale plekken op veilige afstand van het nest, andere kolonies begraven ze juist. Het zijn net mensen.
Maar wacht, het gaat nog een stap verder. Niet iedere mier begraaft soortgenoten. Kolonies hebben speciale mieren voor deze taak. Ze worden begrafenisondernemers genoemd. In de kolonie nemen ze een aparte plek in. Ze offeren er hun sociale verkeer voor op. Bij sommige soorten blijven de bergrafenisondernemers altijd buiten het nest om eventuele verspreiding van ziektes te voorkomen, bij andere gaan ze om dezelfde reden nooit diep het nest in en verblijven dichtbij de ingangen.
De begrafenisondernemers zijn niet alleen gespecialiseerd in het begraven maar ook in lijkschouwing. Ze kunnen vaststellen of een mier dood is of slechts gewond. In het laatste geval wordt de gewonde overgebracht naar een ziekenzaal in het nest om aan te sterken. Ik verzin dit niet.
Dus daar zat ik naar te kijken terwijl ik mijn broodje at. Naar een begrafenisondernemer die met zijn levensbelangrijke taak bezig was. Hij was inmiddels bij een prullenbak aanbeland en sleepte de dode er onder. Opgeruimd staat netjes.
Daar kwam de trein.
Als je je eenmaal in de wereld van de mieren verdiept, laat het je niet meer los. Gegarandeerd!