Is Tár een grensoverschrijdende film?

Tár duurt bijna drie uur en al die tijd is de hoofdrolspeelster, Cate Blanchett in beeld. Zij is Lydia Tár, een van de beste dirigenten ter wereld. De absolute wereldtop, zeggen bewonderaars dan die daarmee en passant meteen zichzelf als kenner kunnen presenteren. Daar gaat het vaak om in typische mannenwerelden, de grootste, beste, snelste, rijkste, etcetera en daar bij willen horen anders tel je niet mee.

(Voor je verder leest, dit stuk bevat spoilers)

In het eerste half uur van de film wordt duidelijk gemaakt hoe geweldig Tár is. Ze wordt voor een zaal geïnterviewd door een journalist van The New Yorker, zoals bekend het beste weekblad ter wereld, die zichzelf speelt. Het gesprek is zo’n spel van wie weet meer, een wedstrijdje slim zijn. Als publiek mag je trots op jezelf zijn als je het allemaal kunt volgen. Als je bij kunt blijven in de race naar de top. Helaas loopt de trap naar de top nogal eens over de ruggen van anderen en daar gaat Tár over.

Al snel wordt duidelijk dat Tár meedogenloos is in de omgang en je voelt dat dit haar gaat opbreken. Grensoverschrijdend gedrag vertonen kan sinds kort het einde van je carrière betekenen. Dat is een grote verandering in de wereld, de macht van de onaantastbaren kan er mee worden gebroken. Dat is dan ook het onderwerp van Tár maar het lastige is dat niet helemaal duidelijk is wat de film daar nou over wil zeggen.

In het begin is er een conservatoriumstudent die beweert niks van Bach te willen spelen omdat die misogyne was en 20 kinderen verwekt heeft. Bach wordt gecanceld door een wokestudent, zogezegd. Het is misschien wel de meest ongeloofwaardige scene uit de film en daarmee wordt een merkwaardige positie gekozen. De kritiek van de student wordt als over the top neergezet waarna Tár uit haar slof schiet. Het zal uiteindelijk haar ondergang worden.

De thematiek die de student aankaart – de verhouding tussen kunst en maatschappelijke normen en structuren – is een belangrijk onderdeel van het debat over grensoverschrijdend gedrag maar komt tot het eind niet meer aan bod. Dat gaat over hoe Tár zich als persoon gedraagt, manipulerend, gestoord. Misschien moet je ook wel zo zijn als je de top wilt bereiken, lijkt de film te zeggen. Het is immers topsport, weet je wel. En de rest van Tár is eigenlijk net zo. Buren bijvoorbeeld blijken als ze de kans krijgen, harteloze op geld beluste types. Dat geldt voor iedereen in de film. Geen enkel personage is sympathiek. Iedereen kan zich tot monster ontpoppen, lijkt de film te willen zeggen en schetst daarmee het darwinistische wereldbeeld waarin deze cultuur gedijt. Niet toevallig wordt aan Schopenhauer gerefereerd, de filosoof van de minachting voor anderen.

Tár is een vrouw, dat is opmerkelijk want ze speelt in een mannenwereld. Noem eens drie vrouwelijke topdirigenten uit de echte wereld. Ik zou ze niet kennen. Voor vrouwen was lange tijd geen plaats in de wereld van klassieke muziek. Daar speelt het verhaal mee. Regisseur Todd Field zet het werk van Gustav Mahler centraal, de beroemde componist die in talent overschaduwd zou zijn door zijn echtgenote Alma en daar handig gebruik van maakte. Zij kreeg daar nooit erkenning voor, want vrouw.

Field voert de omkering nog verder door. Tár is een lesbische vrouw, geboren in een zogeheten eenvoudig milieu. De macht in de film is kortom in handen van een persoon die groepen vertegenwoordigt die dergelijke macht in werkelijkheid zelden hebben. Zo’n spiegeling kan in principe goed werken om het probleem scherper te krijgen. In Disclosure uit 1994, met Michael Douglas en Demi Moore, werd de problematiek van ongewenste intimiteiten op de werkvloer op de kaart gezet door zo’n omkering. De man is in die film slachtoffer en dat maakte de hulpeloze positie van de vrouwelijke slachtoffers die het in het echt overkomt duidelijker. Het ‘ze droeg een kort rokje’ argument werd bijvoorbeeld zo onmogelijk gemaakt.

Bij Tár werkt dat niet goed. Na afloop vroeg ik me af wat er van de film over zou blijven als de hoofdrol aan een man was toebedeeld. Niet veel vrees ik. Dan wordt het verhaal plots wel erg dun. Het is ook jammer dat Tár zo mannelijk wordt neergezet. Ze bokst, houdt van auto’s, is een rokkenjager. Het geeft de film die gaat over een probleem dat veel te maken heeft met sekse een zekere onwaarachtigheid.

Je zou met wat goede wil kunnen zeggen dat het komt dat Field juist alle aspecten wil laten zien. Nuance, weet je wel. Zoals bekend zijn gevallen van aan de kaak gesteld grensoverschrijdend gedrag vaak voor alle betrokkenen persoonlijke drama’s, zowel de slachtoffers als de daders. Daar gaat ook veel aandacht naar uit in het publieke debat. Of het oordeel allemaal niet te streng is, de repercussies te zwaar. Dat is begrijpelijk maar daar draait het echte probleem niet om. Dat gaat om het afbreken van een wereld en cultuur die dergelijk gedrag mogelijk maakt, toedekt en daarmee in stand houdt. Vergelijk het met de misstanden in de katholieke kerk. Daarbij is het probleem ook niet die ene priester maar het hele systeem dat hem in staat stelt zich aan kinderen te vergrijpen. En juist dat aspect van de macht komt in de film niet of amper aan de orde.

Er is wat voor te zeggen dat het de wereld van professionele bewondering, competitie en uitsluiting zelf is die dergelijk grensoverschrijdend gedrag aanjaagt. De stress, faalangst, idolisering en buitensporige beloning waar dat systeem op draait doet gekke dingen met mensen. In de strijd om het beste uit mensen te halen, haal je ook het slechtste naar boven. Dus zo zou je je moeten afvragen waar zijn we dan mee bezig? Die vraag komt helaas niet aan de orde.

Tár is een interessante film omdat hij wel dergelijke vragen oproept. Het is ook een knap gemaakte film. Ik heb drie uur gefascineerd naar het scherm gekeken, alleen al vanwege het indrukwekkende acteerwerk van Cate Blanchett. Wel werd ik me er als kijker wat te vaak bewust van dat ze wel erg goed acteert. De film bijt zichzelf zo vaker in de staart. Zo begint Tár met de aftiteling, in omgekeerde volgorde. De mensen die normaal gesproken het laatst aan bod komen, staan ineens op de eerste plaats. Leuk bedacht maar ik vond dat wat al te gemakkelijk en wat duidelijk een staaltje van ‘kijk mij eens’. Dat gevoel bekroop me helaas vaker tijdens het kijken.

Aan de slotscéne hield ik een beetje nare bijsmaak over. Tár is haar status kwijt, ze dirigeert filmmuziek voor een publiek van cosplayers in een Aziatisch land. Zo diep is ze gezonken. Dat beeld is wat mij betreft een basisoorzaak van het probleem dat de film behandelt. Hoezo is dat het dieptepunt. Als je mensen als minder beschouwt op basis van afkomst of maatschappelijke positie dan bouw je mee aan een wereld van monsters. Maar misschien wil hij dat juist laten zien. Het publiek bestaat namelijk uit monsters. En zo word je als kijker voortdurend aan het twijfelen gezet. Terwijl het debat over grensoverschrijdend gedrag al zo vaak door twijfels gehinderd wordt.

PS: Abonneer je nu hier op mijn gratis nieuwsbrief In de Week. Met iedere week nieuwe ontdekkingen. Doen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.