Houd de dood op afstand

Laatst stond ik in de lift met een oude man. Ik vroeg hem hoe het ging. “Het gaat”, zei hij en na een korte stilte: “Tot het voorbij is.” Ik keek hem aan terwijl ik mijn schrik trachtte te verbergen in het diepste van mijn ogen. “Tja,” zei ik. “Dat is de enige zekerheid.”

“Zo is het.”

Het was zo’n echt mannengesprek. Stoer, zonder veel woorden en met op het oog weinig inhoud maar langs de rand van het ravijn. Veel mannen zijn verslaafd aan gevaar. 

De liftdeur opende, we groetten elkaar en gingen ieder ons weegs. Maar het gesprek bleef nog dagen echoën. Wat opmerkelijk is want ik heb een enorme afkeer van de dood. Ik wil er liefst niets mee te maken hebben en er al helemaal niet over nadenken. Ik ben aanhanger van de school dat verdringing goed is voor je geestelijke gezondheid.

In De Buitenkant van meneer Jules, een novelle van Diane Broeckhoven wordt die afweermethode wel erg ver doorgedreven. Alice, een vrouw op leeftijd, wordt ‘s ochtends wakker, stapt goedgemutst de huiskamer binnen, praat wat tegen haar echtgenoot Jules die in zijn vaste leunstoel zit en komt dan tot de ontdekking dat hij zojuist is overleden. 

Het is een existentiële vrees van iedereen die een partner heeft: dat die doodgaat. Voor de partner geldt andersom hetzelfde. En het gaat onvermijdelijk een keer gebeuren. Wat dan?

Alice is er duidelijk niet op voorbereid. Ze besluit de situatie nog even niet te accepteren. Als je dat een besluit kunt noemen want ze verkeert in shock. Zo’n shocktoestand waardoor je heel kalm gaat handelen.

Ze drinkt koffie, leest de krant en haalt herinneringen op. Omdat ze doet alsof hij niet dood is komt hun relatie als het ware weer tot leven.

Broeckhoven voert dan een huisvriend op, een autistische jongen die elke dag komt schaken. Hij heeft een heel andere omgang met de werkelijkheid dan de meeste mensen. Op de een of andere manier past dat in de troost die Alice zoekt. Twee gemankeerde zielen in een huiskamer terwijl de dood in een leunstoel zit te wachten.

Het Belgische weekblad Knack riep het in 2001 verschenen De Buitenkant van Meneer Jules afgelopen week uit tot een van de 50 beste Nederlandstalige boeken van deze eeuw: “Dit juweeltje van amper 79 pagina’s haalde zeven drukken en ontroerde honderdduizenden lezers in de verschillende vertalingen. Een klein verhaal, puur en mooi, zonder ook maar een gram sentimentaliteit.”

Er is een theaterstuk van het verhaal gemaakt en het zou verfilmd worden met Liv Ullmann in de hoofdrol. De novelle deed me denken aan de verhalen van Paul Gallico. De nogal spiritueel ingestelde Broeckhoven woonde 30 jaar in Nederland en werkte voor de Libelle. Ze heeft tientallen boeken op haar naam staan, naast romans ook veel jeugdboeken.

De novelle is op het eerste gezicht niet heel bijzonder. Het is een mooie vertelling, zonder diepzinnigheden. Dat maakt het misschien wel zo goed, het is geschreven in de taal van de context waarin het zich afspeelt. Als lezer zit je in de huiskamer. Je hoopt dat er hulp komt maar gunt Alice tegelijkertijd nog even de verdoving van de illusie. 

PS: Iedere zondagavond verstuur ik In de Week, een zeer persoonlijke nieuwsbrief over wat ik de voorbije week zag, las, meemaakte en dacht. Abonneer je hier gratis.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.