Mislukte ambitie

Ik zit in de trein en twijfel of ik echt misselijk aan het worden ben of dat ik het me inbeeld. En dat komt niet alleen door het stel dat naast me in de stiltecoupé zit te keuvelen. De man heeft zo’n rasperige stem dat die ook door m’n koptelefoon sijpelt. Vraag me niet waarom maar het heeft een verlammend effect. Ik had natuurlijk gewoon meteen tegen hen moeten zeggen dat ze in een stiltecoupé zitten, het rustmisdrijf in de kiem smoren, maar ik bezocht zondag een stand-upcomedian die harde grappen maakte over mensen met dergelijke correctiedrift dus dat durf … Lees verder

Dodelijke stilte

Er is niets fijners dan een stiltecoupé. Het ruisen van de ramen, de cadans van de trein, de weilanden, vogels die opvliegen. Het is als een kapel die door het landschap raast. Of nee, een leeszaal. Want dan is het helemaal perfect. Lezen is de meest sympathieke manier van zwijgen.

Maar zoals Lucebert dichtte: alles van waarde is weerloos. Zeker de stiltecoupé. En daarom is de stiltecoupé tegelijkertijd de grootste marteling. Er is niets ergers.

Het is een bekende anekdote. Twee schakers streden ooit om een belangrijke titel. De hele wereld keek er naar uit. Een van de twee was … Lees verder

40 jaar geleden, het treinongeluk in Rotterdam

Door het vreselijke ongeluk in Voorschoten moest ik denken aan een eerdere ramp. Op 27 december 1982 botste in Rotterdam-West, ter hoogte van de Essenburgsingel waar nu de Mevlana moskee staat, de Duitse Nord West Expres op een stoptrein van de NS. Er vielen drie doden en 20 gewonden.

Ik woonde indertijd in de buurt en ging ter plekke kijken. Het was een verbijsterend tafereel, alleen al omdat je aan de verstrengelde wrakken kon zien met hoeveel kracht de botsing gepaard moest zijn gegaan. Ik weet ook nog merkwaardige details. Zoals dat ik verbaasd was over hoe groot de wielen … Lees verder

Opsporing Verzocht in de trein

In de trein hoorde ik op een bank verderop twee mannen praten. Dat wil zeggen in flarden want de stalen wielen waarop we door de duistere wereld raasden maakten gedempte herrie, net als de palen waar we langs zoefden en die steeds sisten als straatverkopers in een ver land. Dus ik hoorde niet meer dan flarden, halve woorden, als verscheurde snippers van een brief waar je nog net iets op kunt lezen. Ik probeerde de gespreksgeluiden te negeren totdat ik tijdens een zeldzame herriepauze dit hoorde “Ik zou er wel een eind aan willen maken maar dan ga ik weer … Lees verder