
In de trein hoorde ik op een bank verderop twee mannen praten. Dat wil zeggen in flarden want de stalen wielen waarop we door de duistere wereld raasden maakten gedempte herrie, net als de palen waar we langs zoefden en die steeds sisten als straatverkopers in een ver land. Dus ik hoorde niet meer dan flarden, halve woorden, als verscheurde snippers van een brief waar je nog net iets op kunt lezen. Ik probeerde de gespreksgeluiden te negeren totdat ik tijdens een zeldzame herriepauze dit hoorde “Ik zou er wel een eind aan willen maken maar dan ga ik weer de gevangenis in.” Er klonk instemmend gebrom.
Ik schoot meteen in de alerte modus, ik voelde als het ware mijn oorschelpen zich spitsen. De woorden werden weer overstemd door staal op staal, windvlagen, gebonk en gepiep van de wagons die door het landschap scheurden. Vanuit mijn ooghoeken probeerde ik de gezichten te zien. Wat waren ze aan het beramen? Van welk toekomstig Opsporing Verzocht item was ik hier getuige?
Toen ik scholier was zat ik tijdens de dagelijkse busrit eens achter twee lui die tot in detail bespraken hoe ze een kledingwinkel hadden leeggeroofd. Thuisgekomen belde ik na overleg met mijn vader toch maar de politie. “Hoe zagen ze er uit?” Oeps, daar had ik niet op gelet. Ik heb altijd respect voor mensen die onder dit soort omstandigheden bijvoorbeeld nummerborden of delen daarvan kunnen onthouden. Ik probeer dat zelf wel eens als er een auto verdacht doet. Dan prent ik het kenteken in mijn hoofd en kijk op mijn horloge. Voor later. Om 21:17 zag ik een rode auto met kenteken… Maar aan het einde van de straat ben ik het meestal allemaal weer vergeten. Er schuilt in mij geen crimefighter, hoogstens een droom erover.
Nu kon ik ze niet zien. Ik wilde ook niet opvallen. Ik bedoel, dit waren lui die zo te horen al eens in de cel hadden gezeten. Criminelen. Wie weet tot wat ze in staat zijn. Van de woorden die ik opving kon ik geen chocola maken. Wij… toen… gevaarlijk… niet te doen. Zoals gebruikelijk buitelden er weer allemaal scenario’s door mijn hoofd. Ging het om een overval? Nee, dat leek me niet want daar maak je geen eind aan. Partnergeweld? O mijn god.
Ik hoorde de bromklanken, losse woorden. Te weinig om er iets van te snappen.
En dan ineens weer een heldere zin. “Als ik dat geweten had was ik al 10 jaar eerder vegetariër geworden.”
WTF?
Ineens begon alles te kantelen. De woorden dwarrelden op hun plaats. Dit waren geen criminelen maar klimaatactivisten. Ze bespraken acties om de Aarde te redden. Dat gaat gepaard wetsovertredingen want de wet beschermt immers de lui die de planeet slopen. Dat zie je nooit in Opsporing Verzocht.
De trein minderde vaart en stopte, ze rezen omhoog en stapten uit. Stoere, grote kerels met baarden. Helden, dacht ik.
Gekke wereld leven we in hè?
Nog mooier: je kunt iedere zondagavond gratis en ook nog voor niks de nieuwsbrief ontvangen. Met ook nergens anders gepubliceerde tips en verslagen over wat ik zie, meemaak, lees, hoor, bewonder en nog meer. Abonneer je hier.