Al lopend belandde ik in de Middeleeuwen

Wie wandelt komt nog eens wat te weten. Zondag zocht ik een wandeling dicht bij huis die me toch onbekend zou zijn. Google adviseerde de Commandeursroute bij Maasland, door de polder. Zo’n 9 kilometer lang en op een kwartiertje rijden. Helemaal onbekend bleek het pad bij nader inzien niet. Bij aankomst in Maasland was er meteen een moment van herkenning. Hier was ik wel eens eerder geweest. De GR 5, de eerste etappe van de wandelroute van Hoek van Holland naar Nice in Frankrijk, voert door het dorp en heb ik wel eens gelopen.

Maar er was wel iets anders dat totaal nieuw voor me was. Het woord commandeurs uit Commadeursroute komt van de gelijknamige polder waar de route omheen gaat, die weer verwijst naar de commandeur die daar in de 13e eeuw een stenen huis liet bouwen. Hij handelde in opdracht van een riddergenootschap, de Duitsche Orde, die de polder bezat. Deze club werd in de Middeleeuwen opgericht tijdens de Derde Kruistocht. Door heel Europa namen ze land in bezit en zetten ze pleisterplaatsen op.

Dat lijkt iets van vroeger tijden, al lang vergaan en vergeten maar nee hoor. Ik wist dus niet dat die middeleeuwse organisatie nog steeds bestaat en ook nu nog de landerijen bezit. Vooral in de provincie Utrecht maar dus ook hier bij Maasland. Navraag onder vrienden leert later dat sommigen er wel bekend mee te zijn. “De Duitsche Orde? Die zijn van het Grand Hotel Karel V in Utrecht!” Ik googelde en zag dat ik dat gebouw, nu een luxe hotel, ken uit de tijd dat het nog een militair hospitaal was. Toen ik bij de luchtmacht zat ben ik er zelfs geopereerd. Bij geschiedenis denk je al gauw aan de grotere raderen van het wereldgebeuren maar het gaat toch vaak om de kleine tandwielen recht onder je neus.

Erg oorlogszuchtig zijn de erfgenamen niet meer. De grond die de middeleeuwse club bezit wordt verpacht aan boeren en de opbrengst gaat naar goede doelen. De Orde was aanvankelijk katholiek maar bekeerde zich tot het protestantisme. Tot op de dag van vandaag mogen alleen protestantse edelen er lid van zijn.

Ik vind het wel fascinerend dat grond zo lang in dezelfde handen blijft. Dat zag je ook terug in de verkiezingscampagnes. BBB had het over grond die al generaties in bezit is. Dat klinkt mooi maar de logica er achter is dat minder. Er kleeft het idee van erfopvolging aan. Dat is een fundament van feodalisme dat op gespannen voet staat met het principe van gelijkheid. Niemand die daar over durft te beginnen. Er is denk ik een heuse revolutie nodig om er ooit een einde aan te maken.

Voordat ik verder verdwaal in de geschiedenis, terug naar het heden. Maasland is een kleine plaats tegen de snelweg A20 naar Hoek van Holland. Er wonen bijna 7000 mensen. Bij de ingang van het dorp staat een robuuste zwarte frietkar van Tok ‘knetterlekkere kip’. De frituurwalm overvalt me, vermengd met de uitlaatgassen van de drukke weg ernaast. Aan een picknicktafel eet een gezin in de frisse buitenlucht broodjes kipburger. De snackbarmedewerker groet vriendelijk in het voorbijgaan, zoals iedereen elkaar hier groet.

Een brug over en daar staat een informatiebord over de trekvaarten. Even lezen, al staat er meestal te veel op. Dwars door het dorp loopt zo’n water, in de 17e eeuw aangelegd door de toen machtige stad Delft. Zes keer per dag vertrok er een schip voor een pendeldienst naar Delft. De vaart is officieel tot erfgoed verklaard. Aan de kade ligt een rondvaartboot te wachten op de lente. 

De wandelroute voert langs het water en zal dat blijven doen. Narcissen bloeien overal aan de oevers. Watervogels zijn met takjes in de weer om nesten te bouwen. Bij een brug staat een stalen spreekgestoelte met opengeslagen boek. Het is een monument voor wethouder Hans Horlings die in april 2020, bij het begin van de pandemie, op 58-jarige leeftijd overleed aan corona. “In 2020-2021 heeft de coronapandemie ook in onze gemeente veel zorg en verdriet met zich meegebracht.” Het is al geschiedenis. Even verderop zit op een lantaarnpaal een sticker van een wappieclub. 

Overal hangen nog omgekeerde vlaggen. Op een bushokje zijn zelfgemaakte affiches geplakt. “Steun ons boeren zelfmoord beleid.” Ik heb een vermoeden van wat er bedoeld wordt maar het leest toch wat anders. De BBB-stemmers zijn vooral laagopgeleide ouderen, las ik ergens. Bij het begin van de populistische revolte, begin deze eeuw, koesterde ik nog de naïeve overtuiging dat toegenomen interesse in politiek ook zou leiden tot meer inzicht. In de praktijk pakt het wat anders uit. Op tv heeft informatie plaatsgemaakt voor amusement. Actualiteitenprogramma’s met achtergrondinformatie maakten na de Fortuyn-revolte plaats voor talkshows. Het volk moest immers gehoord worden. Maar die programma’s zijn naar hun aard verslaafd aan ophef. Het een versterkt het ander. Zo wordt nieuwe geschiedenis gemaakt.

Bij de kerk in het dorp staat een gezelschap. Ik dacht even dat het kerkgangers waren, het dorp ligt in de Bible Belt, maar het blijkt om een toeristische rondleiding te gaan. Naast de kerk zit een winkel van een uitvaartverzorger. Ook leuk.

Om de hoek doemt een huis op waar wegens gebrek aan onderhoud de geschiedenis vanaf straalt. Het staat te koop. “Het pand dient gemoderniseerd te worden,” zegt Funda. Dat klinkt als makelaarstaal voor een bouwval. Maar op de interieurfoto’s ziet het er allemaal geweldig uit. 265.000 euro. Dat is een noord-oostgroningse prijs.

Een smalle doorgang voert naar de polder. Op een paal in het weiland zitten twee verliefde roofvogels op een nestkast. Torenvalken, weet ik dankzij de verrekijker. Het is fris en nat maar de lente weet overal door te dringen. Een stel wandelaars passeert en vraagt “Zitten ze er weer?” We raken even aan de praat. Ik zeg dat ik hoop grutto’s te zien, die moeten net gearriveerd zijn vanuit Afrika. “We hebben ze al wel gehoord maar nog niet gezien,” zegt het stel. Ze geven wat aanwijzingen over plekken waar de vogels zeker rondhangen maar die liggen buiten de route. Dank en tot ziens.

Het pad loopt langs een veldje met wat hobbydieren. Een opvallend wollige geit rent op me af. Als zij constateert dat ik geen eten bij me heb reageert ze zichtbaar teleurgesteld. Ik pluk wat gras maar dat kan haar niet bekoren. Ze klimt tegen het hek op en wijst met haar kop naar de boomtakken waar ze niet bij kan. Haal die naar beneden lijkt ze te zeggen. Ik duw een tak tot voor haar bek. Ze ruikt er aan en vindt het niks. Voorheen zou ik er niet bij stilgestaan hebben maar onder invloed van al die clipjes op sociale media zie ik het gedrag van de geit anders. Als een echte kennismaking. Na een paar goedmakende aaien en een paar likken retour, gaat de tocht verder.

Langs de Oostgaag, weer een andere vaart. Onderaan de dijk veel riante nieuwbouw met een nogal, hoe zal ik het voorzichtig zeggen, aparte smaak. Veel strak zwart. Woningen die er uitzien alsof het showrooms voor kantoorinrichting zijn. Smaak en fortuin gaan wat mij betreft zelden goed samen maar het ziet er allemaal zeer tevreden uit, net als de betegelde tuinen van de BurgerBetonBeweging waar dit de luxe variant van lijkt.

Even verderop zit in een uithoek van de polder Bij de Buurvrouw, een even nieuwe als aangename koffietent. Het is er druk. Vriendinnen houden er gezellige high teas. De kaart is van alle stadse wensen voorzien. Van chai latte tot bananenbrood. De bediening is uiterst vriendelijk en de warme chocolademelk met echte cacao gemaakt. 

In het gazon van de buren staat een beeld van een poepende hond met daarop No! Het mestprobleem is op het platteland niet beperkt tot het vee. Wat me er aan doet denken dat hondenpoep decennialang bovenaan de lijst met grootste ergernissen van de bevolking prijkte. Sinds de invoering van het verplicht opruimen is die ergernis uit de stad verdwenen. Terwijl het altijd een onoplosbaar probleem leek. Dat gaf me hoop, om het zo te zeggen. Maar hier werkt dat kennelijk nog niet.

Op het laatste stuk klinkt ineens het geluid van de lente. Grutto’s die nerveus hun eigen naam roepen. Ze zitten te ver af in het weiland om ze te kunnen zien maar plots vliegt er een over. Even snel als sierlijk. De grutto is ooit uitgeroepen tot nationale vogel. Het is ook een van de mooiste en meest innemende vogels die ik ken. De natuurjournalist Koos van Zomeren beschreef ze als symbolen van de kwetsbare natuur, prachtig maar bedroefd. Het gaat slecht met de grutto, die afhankelijk is van boerenland maar het aflegt tegen de agrarische industrialisatie. Nederland is de belangrijkste broedplaats ter wereld voor de soort.

Dan vliegt er ineens een torenvalk voorbij met in zijn klauwen iets wat een mol lijkt. Hij landt verderop en eet van zijn prooi. Even later vliegt hij weer op, een kraai spot hem en gaat er achter aan. De prooi valt op de grond. Zo heb je wat, zo heb je niks. Ook in de polder heersen de wetten van de jungle.

De route voert langs een verlaten pont waar een eenzame fietser wacht op een oversteek die niet gaat komen. Dan de bocht om richting Maasland. Langs enorme, nieuwe huizen met Porsches en Mercedessen op de oprijlaan. Geld voor een goede architect was er kennelijk niet meer. Of misschien is dit hun definitie van schoonheid. Een soort botox-architectuur.

Terug bij het beginpunt. De frituurwalm hangt er nog. De frietbakker van Tok groet weer vriendelijk. Toch beter dan een McDonald’s uit de stad.

PS: Iedere zondagavond verstuur ik In de Week, een persoonlijke nieuwsbrief over wat ik de afgelopen week zag, las, hoorde en dacht. Fijn als je die wilt ontvangen. Abonneer je hier gratis. Dank je wel.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.