“Klopt het dat het een enge film is?” vroeg ik aan de caissière van de bioscoop toen ze me de kaartjes voor The Substance overhandigde. “Er gebeuren wel wat dingen in, ja,” antwoordde ze. “Ik kan niet tegen bloed en operaties,” voegde ik toe, in een hulpeloze poging tot bezwering. Alsof ze de kaartjes kon terugpakken en omruilen voor iets romantisch. Ze keek me vanachter het veiligheidsglas aan met een koele, onderzoekende blik. Toen ze had vastgesteld dat ik serieus was, boog ze lichtjes voorover en zei met een wat zwoele stem “nou, dat wordt dan een interessante avond”.
Ik had dus weer eens geen idee wat me te wachten stond. Ja, Demi Moore. Dat was voldoende geweest om me naar de bioscoop te lokken. A Few Good Men, Indecent Proposal, Disclosure, Striptease, GI Jane. Ik kan er zo een hele reeks herinneringen aan plakken, alsof het nummers uit de Top 2000 zijn. Ik was haar wel uit het oog verloren de laatste jaren. Goh, hoe zou dat nou komen?
De film opent met ijzersterk, gestyleerd beeld. Een dooier ligt in het eiwit op een ijzeren plaat. Klaar om te veranderen in een uitsmijter, zo te zien. Maar er gebeurt iets heel anders. Een injectienaald verschijnt en dringt de dooier binnen. Een geelgroene vloeistof, bijna lichtgevend, wordt geïnjecteerd. Dan wurmt zich uit de dooier een nieuwe dooier. Holy fuck, wat gebeurde hier, dacht ik bij mezelf. Ik wist toen nog niet dat ik die kreet de volgende 2,5 uur vaak zou herhalen.
De opening zet meteen de toon. The Substance is qua styling een lust voor het oog. Al is lust niet helemaal het juiste woord. Tenzij je het koppelt aan sterke maag. Er zijn verhalen over toeschouwers die flauwvallen. Een jong stel dat met een enthousiast gevulde XXXL bak popcorn voor me ging zitten, verliet na wat over en weer gefluister na drie kwartier de zaal. Ik bleef dapper zitten maar heb wel een deel gezien met vingers voor mijn ogen.
Het verhaal is een soort mengeling van de 19e eeuwse romans The Picture of Dorian Gray van Oscar Wilde en Dr. Jekyll & Mr. Hide van Robert Louis Stevenson. In het eerste boek gaat het over een man die een verbond aangaat waardoor hij eeuwig jong blijft maar in een geschilderd portret van hem wordt hij wel steeds ouder. Het toont zijn ware zelf, hij wordt er gek van. In het tweede boek huizen na een medisch experiment twee karakters in dezelfde persoon: de keurige dokter verandert iedere nacht in een woest monster.
Demi Moore speelt een actrice die ooit beroemd was en nu ze op leeftijd is een fitness show presenteert. Maar ook dat wordt haar niet langer gegund, want te oud. Haar wereld stort in elkaar. Daarop stapt ze in een experiment dat haar jonger maakt. Je begrijpt, dat heeft een prijs.
The Substance is een Hollywood-productie. Nou ja, Hollywood. Universal Pictures trok zich tijdens het maken terug omdat ze het toch niet aandurfden. De door de EU ondersteunde streamingdienst MUBI nam het over. Regisseur is de Franse Coralie Fargeat, die eerder grote indruk op me maakte met haar feministische, in bloed gedrenkte, thriller Revenge, die nu ook weer in de bioscopen draait.
De film is Amerikaans in geliktheid maar Europees in de achterliggende ideeën. De Franse invloed zie je bijvoorbeeld ook in de naakte danseressen die toch meer doen denken aan Parijse etablissementen als Moulin Rouge en Crazy Horse dan aan Amerikaanse tv.
The Substance gaat over jeugd en de bijbehorende schoonheidsidealen die door mannen gedicteerd worden. Zeker in de entertainmentindustrie. De mannelijke entertainmentbaas, gespeeld door Dennis Quaid, heet niet voor niks Harvey. Hij is gruwelijk onaantrekkelijk en Fargeat deinst er niet voor terug dat nog eens vet aan te zetten. “Ik bepaal wie mooi is,” of woorden van gelijke strekking, zegt hij op een gegeven moment met een gezicht dat je als kijker naar een kotszakje doet grijpen.
Daar tegenover staat Moore die met haar 61 jaar oogt als een godin. Ik wilde eerst schrijven ‘nog steeds oogt’ maar besefte net op tijd dat ik dan in de valkuil trap die de film wil aanklagen. We leven in een wereld waarin ouderdom bij vrouwen gelijk wordt gesteld aan onaantrekkelijkheid. George Clooney en de zijnen hebben geen last van dat dogma. Moore oogt prachtig maar ze is volgens de normen niet goed genoeg. Nee, ze kan zelfs niet goed genoeg zijn want ze is oud.
The Substance is in die zin de anti-Barbie. Die film ging over gelijkheid, deze laat zien dat de schoonheidsverslaving dat ideaal in de weg staat. Alleen bij dode dingen is schoonheid immers niet vergankelijk, inderdaad zoals bij de plastic Barbie.
Onder dat opgelegde schoonheidsideaal lijden vrouwen, alleen al financieel door een cosmetische industrie die miljarden verdient aan hun onzekerheid en de sociale druk. Voeg daarbij de commerciële plastische chirurgie. De ochtend na de film zag ik een advertentie van zo’n bedrijf op Insta. Een foto van een jonge ster werd geplaatst naast een waarop ze jaren ouder is. Ouderdom hoeft niet angstwekkend te zijn, stelt het bedrijf met nauwelijks verholen sadisme: “Wij bieden: fillers, facial balancing (lees botox, fvj), laser hair removal” en nog hele reeks andere behandelingen.
De tragiek is dat dergelijke ingrepen mensen vaak juist onaantrekkelijker maken, om niet te zeggen lelijker. Daarover gaat The Substance ook. Schoonheid en wreedheid zijn immers buren van elkaar.
PS: Iedere zondagavond verstuur ik In de Week, een zeer persoonlijke nieuwsbrief over wat ik de voorbije week zag, las, meemaakte en dacht. Abonneer je hier gratis.