Verzamelingen

Zou ik nog een bekende zien, vroeg ik me af toen ik een tijdje rondgekeken had op de tentoonstelling van Hans Eijkelboom in het Nederlands Foto Museum. Eijkelboom maakt iedere dag twee uur lang foto’s van mensen op straat, meestal onopgemerkt met een telelens. Een selectie van honderden, nee duizenden, hangt er aan de muur.
Het zijn niet zo maar portretten maar verzamelingen. Eijkelboom bedenkt bijvoorbeeld dat hij een dag heeft waarop hij mannen in zwarte leren jacks wil fotograferen. Zijn oogst presenteert hij vervolgens als een geheel: Twintig, dertig foto’s naast en onder elkaar van mannen in zwarte leren jacks. Genomen in een tijdsbestek van enkele kwartieren in een en dezelfde straat.
Of vrouwen in korte broeken, moeders en dochters, mannen met diplomatenkoffertjes, motorrijders met duopassagiers, skaters met ontbloot bovenlijf. Iedere dag een andere verzameling.
Volgens de introductie die ik las, is het al jaren lopende project het gevolg van een zoektocht naar zijn eigen identiteit. Over identiteit, in de betekenis van de uniekheid van iedere mens, koesterde ik na het zien van de tentoonstelling nog maar weinig illusies. We zijn bezien door de ogen van Eijkelboom kuddedieren in kuddes die we zelf niet meer opmerken.
Zoveel anonieme gezichten, daar moet toch wel een bekende tussen zitten, bedacht ik om mezelf op te vrolijken. En inderdaad halverwege was het raak in een serie gemaakt op de KunstRAI: Lydia Schouten, de Rotterdamse kunstenares. Die ken ik. Maar ja, er zijn zoveel mensen die Lydia Schouten kennen. In gedachten zag ik mezelf al in die verzameling aan de muur hangen: kennissen van Lydia Schouten.
Fotonotities 1992-2004
160 dagen uit het fotografisch dagboek van Hans Eijkelboom
tot 5/12/2004
Nederlands fotomuseum, Rotterdam