Samen lezen met onbekenden, in stilte

Ik had de wekker gezet om te gaan lezen. Niet zomaar lezen, niet dat je bij het ontwaken het boek van het nachtkastje grijpt en verder gaat, maar lezen bij een heuse leesclub. Een silent book club, of eigenlijk collective reading session, zo stond het aangekondigd op Instagram. In een bar in het centrum van de stad. Om half tien inloop en eventueel kennismaken. Tussen tien en elf lezen met een kop koffie, daarna napraten. Geen verplichtingen. BYOB. Bring your own book.

Book. Ik was eigenlijk bezig in een nieuwe Duitse roman, waarvan ik nog niet zeker wist of ik die wel uit ging lezen. Maar ja, dat boek stond op mijn e-reader. En met zo’n apparaat op een collective reading session verschijnen, dat is toch een beetje alsof je met een magnetronmaaltijd naar de kookclub gaat.

Ik keek naar de stapel boeken op tafel. Alles al gelezen, op een dikke pil met korte verhalen van Raymond Carver na. Die had ik spontaan aangeschaft op aanraden van een vrouw met wie ik in de boekhandel in de rij bij de kassa stond. Ik had in mijn handen Het Vlees, dat ik cadeau wilde doen aan een jarige. Ze keek kritisch naar het boek en toen naar mij. Onze blikken bleven even tegen elkaar hangen, in afwachting van een gesprek, of niet. Ik herkende haar, van tv, van vroeger. “Ik vond er niet veel aan,” zei ze na een korte stilte. Ik glimlachte zo vriendelijk mogelijk en antwoordde dat ik het een van de beste boeken vond die ik dit jaar heb gelezen. “Een perfecte beschrijving van het mannelijk gevoelsleven. Of het gebrek daaraan.” Zo omschreef ik het boek iedere keer. Haar blik werd weifelend, zoals je dat kan hebben als de common ground plots terugwijkt en zich een sink hole opent. Dit was niet de bedoeling. “Wil je een ander boek weten dat ik erg goed vind,” zei ik snel voordat het gesprek in het diepe gat zou vallen. “Graag,” antwoordde ze. “Schiereiland, van een Duitse schrijfster. Zelden las ik een verhaal dat zo dicht op het leven zelf zit.” Haar ogen begonnen te glimmen. “O, daar hou ik erg van.” Ze pakte haar telefoon. “Niemandsland, zei je?” “Schiereiland. Ik zag het daar in de kast staan. Loop even mee dan laat ik het zien.”

We stonden voor de boekenkast, ik pakte de titel eruit. Ze bestudeerde het omslag. “Ok, ga ik die lezen. En kijk, dat vind ik dan weer heel mooi.” Ze wees naar een dikke pil op een hoge plank. “Raymond Carver. Ook zo echt.” Ik ging op mijn tenen staan en pakte het boek. Een Amerikaan, terwijl ik eigenlijk mijn consumptie wil de-amerikaniseren. We worden overspoeld met die cultuur, het is gewoon ongezond. En ook nog eens meer dan 800 bladzijden. Ging ik die ooit lezen? Maar dit spontane moment was te bijzonder om stuk te laten vallen. “Dan neem ik deze. Ik laat je weten wat ik ervan vind.” “O, dan doe ik dat ook. Wat leuk.” Ze vroeg hoe ik heette. “O ja, ik dacht je al te herkennen.” Mooie redding. We rekenden af en gingen ieder ons weegs.

Daar lag Raymond Carver nu op tafel. Ik moest er nog in beginnen. Kon ik zo’n pil wel meenemen naar een leesclub waar ik nog nooit geweest ben? Toch een beetje alsof je met een Hummer komt voorrijden bij de natuurvriendenvereniging. Bovendien kunnen ze zien dat ik er nog geen bladzijde in gelezen heb. Dan duikt de verdenking van performative reading wel heel snel op. Heb je weer zo’n man.

Ik liep naar mijn boekenkast en bestudeerde de plank met ongelezen titels. Een oud boekje van een beroemde schrijver. Uit een antiquariaat of ruilkast gevist. Lekker dun. Verweerde kaft. Daar kon ik wel mee voor de dag komen. Ik sloeg het eerste hoofdstuk open. Een racistische titel. Ik schrok. Toen hij dit schreef was het niet racistisch, of beter gezegd, had niemand een idee dat het racistisch was. Of nee, was het niet meer dat ze niet door hadden hoe racistisch hun denkpatronen waren. Nou ja, dit was nu meteen al ingewikkeld aan het worden. De klok zuchtte. Ik zette het terug, stopte de dikke Carver in mijn rugzak, de e-reader ook en voor de zekerheid een klassieker in het Frans, ook al zou ik daarmee de indruk van een middelbare scholier wekken. En o ja, de ventilator tegen de hondsdagen.

Ik had door de twijfel alweer te veel tijd verloren en het was te warm om heel hard te fietsen. Nét voor tien uur kwam ik aan bij de hippe bar. Op het terras zaten een paar mensen aan aparte tafeltjes. Ieder met een boek. Ik liep naar binnen. De barman heette me hartelijk welkom. “Eh… de leesclub?” “Ja, je kunt daar aan de leestafel gaan zitten,” hij wees naar achteren. Er zaten twee vrouwen aangeschoven, verdiept in hun boeken. “Of je kunt op het terras voor de deur gaan zitten maar dat vinden sommigen te druk in verband met het verkeer.” O ja, zeker te druk voor mij. Ik had me net op de tocht door de stad alweer gestoord aan alle auto’s en hoeveel ruimte die innemen. Dat je bijvoorbeeld als fietser om de haverklap moet wachten bij stoplichten die er alleen maar staan vanwege het autoverkeer. En dat in het publieke debat de automobilist toch altijd weer als slachtoffer wordt gepresenteerd. Parkeergeld omhoog. Straten eenrichtingverkeer. Werkzaamheden. Files. Ze hebben het zo zwaar.

“Nee, niet het terras,” zei ik en liep naar de leestafel. De vrouwen keken even op uit hun boeken en groetten me vriendelijk. Daarna gingen ze verder met lezen. Ik legde Carver op tafel. De vrouw tegenover me had een e-reader. Uit het plafond sijpelde een soort ambient muziek. Dit zou heerlijk gaan worden. Ik zette de ventilator neer en begon te lezen.

Carver, was dat ook niet de favoriete schrijver van die Japanse schrijver waarvan ik pas een boek had gelezen? Hoe heette die ook alweer? Hè dat ik daar nou niet op kon komen. O ja, Murakami. Ik vergeet die naam keer op keer. Gek is dat met namen, sommige staan meteen in je hersenen getatoeëerd en van andere lukt het maar niet ze vast te houden.

Een typisch Amerikaans verhaal. Mooi maar ook zo’n echte mannen-stijl. Ik zag ineens allemaal bekende Nederlandse mannen voor me die er op tv de loftrompet over staken. Van die Hard Gras-achtige mannen. “Prachtig, fantastisch.” “Ja, fantastisch prachtig.” “IJzersterk”, natuurlijk ook.

Het verhaal uit de vorige eeuw speelt zich af in een bar en gaat over een dikke man die veel eten bestelt en verorbert. Een dikke man die gereduceerd wordt tot zijn lichaamsomvang. Ook al niet meer van deze tijd. Maar mooi geschreven. Een beetje als een schilderij van Hopper. Met van die horeca die niet meer bestaat, eenzaamheid die zich nog niet kon camoufleren met een smartphone en licht dat nooit meer zo valt. De bekende mannen en vrouw hebben gelijk, het is geweldig. Vroeger zou ik gedacht hebben ‘zo wil ik ook schrijven’ maar dat is net zo belachelijk als voor de Nachtwacht staan en denken ‘dat wil ik ook kunnen’.

De barman verscheen aan de tafel. “Ik wil jullie vragen om te bedenken welk gerecht er bij je opkomt door het boek dat je nu leest. Dan kunnen we daar straks over praten.” Ik bestelde een cappuccino. De vrouw tegenover me filterkoffie. Had ik dat ook moeten doen? Cappuccino begint me eerlijk gezegd wel steeds meer tegen te staan. Zo’n schuimend dekbed op gloeiend asfalt. Maar filterkoffie, dat klinkt weer zo… onsympathiek? O, heeft u speciaal een espresso-apparaat van 15.000 euro aangeschaft? Nou, doe mij dan maar een filterkoffie.

Ik ging verder in Carver. De dikke man in het verhaal bleef maar eten bestellen. Ik dacht aan de opdracht van de barman. Amerikaans eten, dat moest het zijn. Tijdens een bezoek aan New York, lang geleden, had ik me bij het ontbijt verbaasd over ‘gebakken aardappelen met stroop’. Een bizarre combinatie, maar toch verrassend lekker. Amerikaans lekker. Zoals snacks, snoeprepen en meer van dat voedsel dat je moet proberen te mijden als je lang van je pensioen wilt genieten. Ik bedacht wat ik er nog meer over zou kunnen zeggen in het nagesprek. Moest ik de anekdote over de boekhandel vermelden, of was dat teveel van het goede? Misschien moest ik wel gewoon zeggen ‘gebakken aardappelen met stroop’ en verder niks. Een silent bookclub lijkt me immers ook een mild protest tegen kletspraatjes. Hoe vaak stak ik niet kletspraatjes af, gewoon om het ongemak van de stilte te verjagen? Hier was de stilte comfortabel. Ja, ik zou het houden bij alleen het gerecht. Dat was origineel genoeg. Ik stelde het me voor. “En er viel een stilte die zich niet liet verjagen.” Die zin kwam zo maar uit het niets in mijn hoofd tevoorschijn. Die moest ik opschrijven. Maar ik kon natuurlijk niet mijn iPhone tevoorschijn halen. Dat is alsof je tijdens een begrafenis gaat zitten appen. O wacht, de Moleskine die ik nooit gebruik. Ik viste het notitieboekje uit mijn tas en krabbelde woorden op waarvan ik nu al wist dat ik ze vanwege mijn slechte handschrift later niet zou kunnen ontcijferen. Maar het stond wel erg serieus. Silent writing. Ja, ja.

Bij de cappuccino zat een koekje dat ik gedachtenloos naar binnen werkte. Oef, wat was dat zoet. Ik kreeg nu last van een sugar rush, een soort draaierigheid. Ik weet nooit of ik dat altijd al heb gehad of dat het iets van de laatste jaren is. Ik vraag me zelfs af of ik er last van heb sinds ik het woord ervoor ken: sugar rush. Dat is wel vaker zo, dat je gevoelens of situaties pas herkent of ziet als ze in woorden worden gevat. Ik dacht aan linguïste Lera Boroditsky die uitlegde hoe, zonder dat we het doorhebben, de taal die we gebruiken ons wereldbeeld vormt. We denken en zien alleen wat we onder woorden kunnen brengen. Daarom is een grote woordenschat belangrijk. En die krijg je door veel te lezen. Zou de gemiddelde woordenschat tegenwoordig teruglopen onder invloed van schermen en emoji’s? Zou dat een verklaring kunnen zijn voor de almaar aanwakkerende polarisatie en het toenemend onbegrip? Dat gewoon het algehele begrip van de wereld afneemt? Ik stopte mijn gedachten en ging verder met lezen.

Tweede verhaal. Hè, een man met een bermuda. Weer toevallig, ik had vanochtend voor de kledingkast staan twijfelen. 32 graden zou het worden. Maar in een korte broek naar een leesclub? Nee, dat kan toch echt niet. Dit was trouwens al de tweede man in korte broek die ik in de bundel tegenkwam. Zou de korte broek ook uit de VS geïmporteerd zijn? Ik probeerde me beelden van vroeger voor de geest te halen. Mijn vader in korte broek was gewoon ondenkbaar. Dat gold voor alle volwassen mannen in de straat, het dorp. Alleen hopmannen droegen korte broeken. Bermuda’s.

In het verhaal at iemand appeltaart met gesmolten kaas en vond het heerlijk. Wat is het toch een andere wereld, dacht ik. Een Amerikaans kookboek, dat kom je ook nooit tegen. Net zo min als een Nederlands kookboek. Misschien zijn Angelsaksische Amerikanen toch vooral gemuteerde Nederlanders.

Ik bestelde een zwarte koffie, na enige twijfel of ik misschien ‘americano’ moest zeggen maar dat ging me bij nader inzien te ver. Ik zat hier toch niet bij Starbucks. “Een zwarte koffie” herhaalde de barman toen hij een dienblad op tafel zette met daarop een grote kop met onderin een badje espresso en ernaast een kannetje met heet water. Naar eigen smaak te mengen. Helder, ik was hier niet bij de koffiecorner van Piet & Marie.

Na vier verhalen sloeg ik het boek dicht en ging verder in de Duitse roman op mijn e-reader. Die bleek plots veel interessanter dan ik eerder dacht. Zou dat door Carver komen? Zouden boeken elkaar kunnen besmetten of op z’n minst beïnvloeden? Zo ja, zou je dan boekenmenu’s kunnen samenstellen, als in voorgerecht, hoofdgerecht, dessert? Dat boeken beter worden als je ze in een bepaalde volgorde tot je neemt? Ik zag een nieuwe rubriek voor me en even later een podcast, een leesfestival, een tv-programma, tot ik aan de noodrem trok en weer verder ging in de Duitse roman. Die heet Hé goedemorgen. Hoe gaat het? Om de een of andere reden had ik gedacht dat het over een webcammeisje ging maar dit was een heel ander verhaal. Misschien dat het me daarom moeite kostte er in te komen, door de verkeerde verwachtingen. Hoeveel van je leven bestaat uit het corrigeren van te vroeg gerezen verwachtingen, hoeveel plezier gaat daardoor verloren? Ik moest denken aan een voorval uit mijn jeugd. Een rijke jongen uit het dorp had voor zijn zestiende verjaardag een spiksplinternieuwe brommer gekregen, een voor mij en al mijn vrienden onvoorstelbaar kostbaar cadeau. Maar het was een Kreidler terwijl hij een Zündapp wilde. Woest was hij geweest en had meteen deuk in de benzinetank van de nieuwe brommer geschopt. We waren verbijsterd. Raymond Carver zou er vast een mooi verhaal van hebben kunnen maken.

Het uur was voorbij. De vrouw voor me pakte haar spullen in, groette vriendelijk en vertrok. De lezeres aan de andere zijde van de tafel volgde even later. Tot ziens. Tot ziens. Ik bleef nog even zitten. Was dit waarvoor ik was opgestaan? Ja, ik had een uur lang geconcentreerd gelezen. Dat was toch het idee? Toen ik zag dat de zaak verder leeg was, pakte ik ook mijn spullen en liep naar de bar om af te rekenen. “Heb je nog aan een gerecht gedacht?” vroeg de barman, waarvan ik maar niet kon bepalen of hij een millennial of gen-z was, belangstellend. Ik vertelde over de gebakken aardappelen met stroop en de appeltaart met kaas. “Ah heel…” en hij noemde een Amerikaans klinkende term die kennelijk stond voor de combinatie van zoet en zout maar die ik niet kende en ook niet goed had verstaan. Al die Amerikaanse woorden ook. I hate it. “Ja precies,” knikte ik met zoveel mogelijk overtuiging. “Een andere wereld hè?” Zijn blik verraadde dat hij zich afvroeg wat ik in hemelsnaam bedoelde met dat laatste. Achter hem hing een bord aan de muur met de menukaart. Alles in het Engels.

Ik rekende af en liep naar buiten. Het terras zat vol met lezers die druk en geanimeerd met elkaar in gesprek waren, de boeken dichtgeslagen op de tafeltjes.

Om minder afhankelijk te zijn van social media maak ik iedere zondag een nieuwsbrief met tips, ervaringen en ideeën. Interessant voor iedereen. Abonneer je nu gratis.

1 gedachte over “Samen lezen met onbekenden, in stilte

  1. Lijkt me leuk zo’n stille leesclub. Ieder bijelkaar maar met eigen boek. En na 5 kwartier om de beurt vertellen wat je kwijt wilt over je eigen gekozen boek. Interessant.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.